
Familie, traditie, verleden en toekomst.
Dat zijn de woorden die deze armband omschrijven. Samen met mijn familie volbreng ik de eeuwenoude traditie om een zilveren armband van generatie op generatie door te geven. Op dit moment heb ik de eer om het juweel te dragen. Deze armband betekent dan ook heel veel voor mij en bezit hierdoor een onnoemelijke waarde. Hij staat garant voor verbondenheid en loyaliteit binnen de familie en zal ongetwijfeld nog een lange weg afleggen doorheen toekomstige families en generaties.
De website
Welkom op deze website!
Mijn naam is Maria-Laura en ik ben een masterstudente sociale en culturele antropologie. Voor het vak materiële cultuur ontwierp ik deze website. De site heeft tot doel om jullie een objectanalyse te bieden van een belangrijk element in mijn leven, namelijk mijn zilveren familiearmband.
Ik hoor jullie al denken; een objectanalyse?! Dat klopt, deze site tracht een duidelijk beeld te schetsen van de armband zelf. Daarbij krijgt niet de mens maar wel het object een centrale plaats toebedeeld. De agency of het handelingsvermogen van het object wordt sterk in de verf gezet alsook de leefwereld waarin het actief is. Zo toont deze site de sociale en culturele wereld van mijn armband en tracht deze hier betekenis aan te geven.
Navigeer zeker eens door de verschillende pagina's en laat je verrassen door deze bijzondere ideeën en theorieën.
Materiële cultuur?
Een woordje uitleg.
Materiële cultuur is een cultuur waarbij we als mens vaak niet stilstaan. Doordat we onszelf steeds zo centraal plaatsen, hebben we de neiging om dieren, maar zeker ook objecten te reduceren. De studie van materiële cultuur tracht hier verandering in te brengen. Deze studie stelt objecten centraal, heeft aandacht voor het leven dat ze leiden en gaat op zoek naar de invloed die ze uitoefenen op andere objecten, dieren of mensen. Hieronder vernoem ik kort enkele belangrijke grondleggers binnen de materiële cultuur.
Grondleggers en basisconcepten
.Appadurai
(2013) stelt in eerste instantie dat het belangrijk is om de transformaties die
een object ondergaat te volgen. Volgens hem bestaat methodologisch fetisjisme
erin om de geschiedenis en biografie van een object te volgen en dit ook
effectief als methode toe te passen. Daarbij moet er gekeken worden naar de
objecten zelf, niet gecreëerd door en voor mensen maar als objecten met hun
eigen rechten en kwaliteiten (Button 2014). Op die manier kan
nagegaan worden wat de weg is die objecten afleggen en op welk moment ze wel dan niet
de status van commodity opnemen. Niet enkel de productiefase is dus van belang.
Ook de momenten van uitwisseling spelen een prominente rol in het bepalen van
de waarde van een object (Appadurai 2013).
Kopytoff (1986) pleit in zijn werk voor het belang van een cultureel perspectief van een commodity. De economische kijk die stelt dat objecten puur geproduceerd worden voor de circulatie in het economisch systeem is volgens hem te kortzichtig. Zo stelt hij dat de productie van een commodity ook altijd een cultureel en cognitief proces vormt waarbij de objecten niet enkel als dingen beschouwd kunnen worden maar ook cultureel bepaald zijn. Volgens de auteur hebben objecten levenshistories, deze dragen bij aan het cultureel proces en vormen op die manier een specifieke vorm van processueel model van commoditisation. Zo stelt Kopytoff (1986) bijvoorbeeld dat niet alle objecten geschikt lijken voor de markt. Ook het feit dat eenzelfde object op een bepaald moment koopwaar vormt, maar op een ander moment weer niet, draagt bij aan de auteurs conclusie. Tenslotte stelt hij dat eenzelfde object voor verschillende personen op verschillende manieren gepercipieerd kan worden. Voor de ene persoon vormt dat object koopwaar maar voor de andere is het een object met bijvoorbeeld sentimentele waarde. Deze voorbeelden vormen volgens Kopytoff (1986) het bewijs dat er achter de zichtbare transacties en economische uitwisseling ook een morele economie bestaat die meebestuurt in deze acties (Kopytoff 1986).
Tenslotte leggen Holbraad e.a. (2007) de nadruk op "thinking through things" en vormt dit werk een belangrijke bijdrage aan de studie van materiële cultuur en de antropologie. De auteurs trachten in dit werk te denken doorheen en vanuit objecten. Daarbij kunnen objecten benaderd worden als elementen met betekenis in zichzelf, en verkrijgen ze niet enkel een betekenis omdat de mens die betekenis erop plakt. Het startpunt van dit werk vormt de ontologische wending, waarin niet kennis maar de wereld centraal komt te staan. Die manier van denken vormt vandaag een antropologische methode die bijdraagt aan de shift van de epistemologie naar de ontologie. Zo stelt het werk dat er meerdere leefwerelden bestaan en stellen de auteurs zelfs radicaal dat er meerdere werelden bestaan. Deze manier van denken en methodologie is bijzonder belangrijk in de antropologie maar kent ondertussen ook verschillende varianten, zo draagt ze bij aan de creatie van een veelheid aan concepten en theorieën (Henare, Holbraad, en Wastell 2007).
Bronnen
Appadurai, Arjun. 2013. The Social Life of Things: Commodities in Cultural Perspective. Acls Humanities E-Book. Cambridge: University Press.
Button, Catherine. 2014. 'Whales, Legs, Harpoons, and Other Things: Methodological Fetishism and the Human-Object Relationship in Moby-Dick', 66.
Henare, Amiria, Martin Holbraad, and Sari Wastell (2007). Introduction: Thinking through things. In Amiria Henare, Martin Holbraad, and Sari Wastell (Eds). Thinking through things: Theorising artefacts ethnographically, 1-31. New York: Routledge.
Kopytoff, Igor. 1986. 'The cultural biography of things: commoditization as process'. In The Social Life of Things: Commodities in Cultural Perspective, onder redactie van Arjun Appadurai, 64-92. Cambridge: Cambridge University Press. https://doi.org/10.1017/CBO9780511819582.004.